40 JAAR
Tot grote vreugde van de Directie Oost besloot de minister het geld voor het laatste wegvak van DR73 in de meerjarenprogrammering op te nemen. Eindelijk kon de besteksvoorbereiding voor dit gedeelte, dat liep van knooppunt 11 tot de Duitse grens, worden gestart. Jannes richtte hiervoor een speciale projectgroep op. Tot dan liep er een straatweg uit het Rijkswegenplan 1927 naar de grens. Er was al dertig jaar gelobbied om dit politieke karrepad te vervangen en eindelijk had de nieuwe minister van de Biosfeer, de budgetten voor de aanleg in haar programma opgenomen. Het gaat om het hoerei-gevoel! sprak deze parmantige dame in de Kamer, We moeten weer kleur op de wangen krijgen! Nederland moet niet het Jutland van Europa worden. Nederland Distributieland!
Het tracé kruiste vier gemeenten en in elke gemeente moest het tracé in het bestemmingsplan worden opgenomen. En zo kwam het dat Jannes maandenlang van de ene inspraakavond naar de andere reisde en communicatief/agogische talenten toepaste, waarvan hij nooit had gedacht dat hij ze bezat. Met zijn bijzondere stemgeluid.
----------------
Vanavond was de laastste hoorzitting en het zou een eenvoudige avond worden. Want vanavond zou het tracé in de grensgemeente aan de orde komen. Deze gemeente lag vanouds geïsoleerd en was dunbevolkt met veel onvruchtbare onherbergzame grond. Hier lag ook het Groene Woud – een van de laatste oerbossen in het land.
Nee, veel tegenstand werd er niet verwacht. De natuurgebieden waren al van Staatsbosbeheer en dus al van het Rijk en de enkele boerenbedrijven die gekruist werden waren pachters van de Hervormde Kerk en vermoedelijk blij dat zij van het Rijk nog wat geld zouden vangen. Rumoer en relletjes zoals in de voorsteden van .. zouden hier wel uitblijven. En met het Duitse Strassenbau-Ambt was alles goed afgestemd.
De projectgroep had de bruiloft- en partijenzaal van de hotel-restaurant Tweesprong afgehuurd. Dit toeristische hotel aan de rand van het Groene Woud lag vanouds aan de Rijksstraatweg en ademde nog de sfeer van vroeger. In de hal hingen allemaal hertegeweien. De eigenaar was voorstander van de nieuwe weg, want die zou vast de aanloop doen toenemen. Ruimtelijke ordenaars zijn vóór bundeling van infrastructuur en daar profiteerde hij van.
Achter de tafel zaten de wethouder, de directeur Gemeentewerken, Jannes en het hoofd Ingenieursbureau. Aan de wand hing een serie technische tekeningen met daarop het algemeen plan van de weg , schaal 1:10.000. Op de eerste rij zaten nog enige nieuwsgierige medewerkers waaronder John Elders.
Het zaaltje stroomde nog aardig vol, ja erg vol. Verdacht vol. Er was ook nogal veel geroezemoes. De wethouder werd er zenuwachtig van. Het was maar een kleine gemeente, in een uithoek, onbekend ook en zoiets had hij nog nooit meegemaakt. Zullen we maar beginnen, meneer Lokaal, vroeg hij aan Jannes toen het half acht werd. Prima, lachte Jannes ontspannen en geroutineerd, U bent de gastheer en het is uw bestemmingsplan. Maar hij zag er slecht uit, bleek met wallen onder de ogen. De afgelopen twee jaar in de harde praktijk van de buitendienst had hem geestelijk uitgeput. De strijd om de financiën, de onteigeningsconflicten, de landschappelijke schade, de logistieke lobby, de agar-agar-doem en nu zat die John weer op de eerste rij te controleren. Jannes was op, het ging niet meer, 's nachts lag hij wakker te piekeren, te piekeren.
Het programma voor de pauze werd voortvarend afgewerkt. Het Algemeen Plan voor het tracé werd toegelicht inclusief de landschappelijke inpassing, de aanpassing van het onderliggend wegennet en het beplantingsplan. Een juridisch medewerker legde de Onteigeningswet uit. De zaal luisterde stilzwijgend. Niemand stak zijn hand op voor een vraag.
Dan staat er halverwege de zaal een vrouw op die langs alle knieën haar rij uitschuift en naar de microfoon loopt. Zij is gekleed in een groene lakjas en heeft een vel papier in haar hand. Donkerblond haar met een sprongetje, eigenwijs kruintje, rechte rug, kordate gestalte, groene ogen, trekt zij meteen scherp de aandacht van de zaal en het wordt doodstil. Niemand merkt op dat Jannes een kleur krijgt. Hij krijgt ineens het gevoel betrapt te zijn op het meedoen aan een gevaarlijk spel.
Iris pauzeerde even en draaide zich om naar de zaal.
En hij was weer in het groene woud – alleen: het bos was gekapt voor landbouw, voor fabrieken, voor wegen en voor steden. En hoe hij ook wandelde en zocht: nergens vond de Mens een boom die schaduw en vruchten gaf. En hij stikte en ging dood.'
'Meneer de wethouder, wij vinden dat het Groene Woud niet mag worden gekapt en zullen daarom het bestemmingsplan tot bij de Kroon aanvechten.'
Even zweeg zij, de zaal wachtte af, John zat omgekeerd op zijn stoel.
“Mijn gelijkenis lijkt veel op het verhaal van de Japanse steenhouwer van Multatuli of het vrouwtje Piggelmee en het tovervisje in de zee. Alleen, hier loopt het niet goed af. Tot slot geen tevreden bikkende steenhouwer met eindeloos veel rots en Piggelmee in zijn Keulse pot met een eeuwigdurende voorraad Van Nelle’s koffie. Nee, mijn Mens gaat ten onder aan zijn wensen en heeft géén weg terug!'
Iris boog zich naar de microoon toe en ging zacht door:
'Het arme bladgroen heeft geen rechten. Het wordt gejaagd, geroofd en gedood. Een boom kan niet vluchten! Wat een oneindige onbaatzuchtigheid dat het bladgroen iedere Lente dan toch weer uitkomt.
-------------------------
